Normaal gesproken, als je buitenlander bent en in Nederland wil wonen, heb je een verblijfsvergunning nodig. Die van mij is tot oktober dit jaar geldig. Daarna, als ik hier wil verblijven, heb ik twee opties: verlengen van het visum of aanvragen van de naturalisatie.

De verlenging van het verblijfsdocument kost eindeloos stress, tijd en geld. Als ik een Nederlands paspoort heb, moet ik één keer het bureaucratische proces door en dan ben ik er vanaf.

In theorie kan ik de naturalisatie aanvragen. Ik hoef ook geen afstand te doen van mijn huidige nationaliteit. Mijn geval is een uitzondering omdat ik met een Nederlander getrouwd ben. Je kan je naturalisatie aanvragen als je meer dan drie jaar met een Nederlander samenwoont. Deze informatie staat op de website van IND, de Immigratie en Naturalisatiedienst van het Ministerie van Justitie.

Is het in de praktijk zo simpel? Ik ging naar de gemeente Amsterdam om dit te checken.

Gemeente
Een ambtenaar vroeg één voor één, al mijn documenten. Alle papieren waren in orde, behalve mijn inburgeringscertificaat. Daar staat dat ik de Maatschappij Orientatie (MO) toets niet gehaald heb.

“Ja, dat klopt, ik heb het MO-examen niet gedaan”, zei ik tegen de man. “Toen ik de inburgeringscursus volgde (in 2005), was ik niet verplicht om het vak Maatschappij Orientatie te doen omdat ik werkte”.

“In januari 2007 is de wet veranderd en als u minder dan 80% van het MO-examen heeft gehaald, dan kunt u geen Nederlander worden”, zei de ambtenaar, maar dan in ambtelijke taal. Volgens deze man moet ik een MO-toets bij de school waar ik de inburgeringscursus volgde aanvragen.

Het MO-toets verhaal
“Ik maak de MO-toets en dan ben ik klaar”, dacht ik. Dezelfde middag belde ik naar het ROC. Ik kreeg een behulpzame vrouw aan de lijn. Ik legde uit dat ik de MO-toets wil doen. Ze gaf me een frustrerend antwoord:

“U kunt de MO-toets niet doen want u heeft uw inburgeringscursus gedaan tijdens de vorige inburgeringswet.”
“Stel u voor dat ik mijn naturalisatie wil aanvragen. Wat moet ik dan doen?” vroeg ik.
“Tja, ik weet dat het heel vervelend is, u heeft al de inburgeringscursus gedaan, maar u moet volgens de nieuwe wet het inburgeringsexamen of de korte vrijstellingstoets doen”, antwoordde ze.

Op inburgeren.nl keek ik hoe beide examens er uit zien.

Het inburgeringsexamen bestaat uit vier verschillende examens. Je moet alle taal vaardigheden op niveau A2 hebben gehaald. De korte vrijstellingstoets bestaat uit circa 30 vragen. Het taalniveau is B1, hoger dan dat van het inburgeringsexamen.

Maar het inburgeringsexamen kost 230 euro en de korte vrijstellingstoets slechts 81 euro. Voor deze toets moet je in één keer slagen want je mag aan deze eenmaal meedoen. Hoewel je het inburgeringsexamen meerdere keren mag doen, moet je het ook opnieuw betalen.

Moeilijker en spannender dan ik dacht. Bovendien heb ik geen idee hoe lang ik moet wachten totdat ik de toets kan doen of wanneer ik het resultaat zal krijgen.

Van de ambtenaar van de gemeente hoorde ik dat de naturalisatieprocedure van zes maanden tot één jaar kan duren. Het is vanzelfsprekend noodzakelijk om naast deze ook de verblijfsvergunning te verlengen.

De factuur
Behalve de bovenstande bureaucratie, heb ik een heleboel kosten als ik Nederlander wil worden:

Verlengen van het verblijfsdocument : € 188,
(Met geluk) Korte toets geslaagd: € 81,
Nationaliteit aanvragen: € 366,
Totaal: € 635,

Ga ik naar de kassa met al die producten? Nee, ik neem nu louter en alleen de verblijfsvergunning. Daarmee kan ik nog een jaar of vier vooruit.

ps: inmiddels is de inburgeren.nl aangepast. Daar kan je nu de uitleg over vrijstellingen lezen, net als de kosten van de verschillende examens die deel maken van het inburgeringsexamen.